De eikenprocessierups (Thaumetopoea processionea) is de larve van een nachtvlinder en dankt zijn naam aan de nachtelijke ‘processies’ die de rupsen maken wanneer ze in lange rijen van hun nest naar de bladeren van een eikenboom trekken om te eten.
De rups vormt nesten op de stam en in dikke takken van eiken. Vanaf het derde larvestadium ontwikkelen de rupsen microscopisch kleine, pijlvormige brandharen. Deze haren kunnen bij mensen en dieren klachten veroorzaken zoals hevige jeuk, huiduitslag, brandblaren, rode of ontstoken ogen en ademhalingsproblemen. De brandharen blijven bovendien jarenlang actief, ook nadat de rups of het nest al verdwenen is.
Contact ontstaat niet alleen door directe aanraking, maar ook via de lucht. Brandharen kunnen door wind worden verspreid en zo op kleding, huid of in de ogen terechtkomen. Daarom is voorzichtigheid altijd geboden in de buurt van besmette bomen.
Ga nooit zelf aan de slag met het verwijderen van rupsen of nesten. Dat vergroot juist het risico op blootstelling. Schakel altijd professionele hulp in die beschikt over de juiste beschermingsmiddelen en apparatuur. Zo wordt het probleem veilig en verantwoord aangepakt, zonder extra gezondheidsrisico’s.
Bij twijfel: houd afstand, waarschuw anderen en meld de aanwezigheid van nesten bij de verantwoordelijke instantie. Veiligheid staat hierbij voorop.