Koolwitje

Het koolwitje (Pieris rapae en Pieris brassicae) dankt zijn naam aan de koolplanten die hij als favoriete plek heeft uitgekozen. Vroeg in het seizoen zie je hem ook op planten als judaspenning en herderstasje. Later verplaatst hij zich naar koolsoorten, waar hij zijn eitjes afzet.

De rupsen van het groot koolwitje voeden zich vooral met de buitenste koolbladeren. Ze eten het bladgroen vrijwel volledig weg, waarbij vaak alleen de stevige nerven overblijven. Dat kan de planten flink verzwakken.

Wil je schade beperken, dan helpt het om koolplanten af te dekken met vliesdoek. Zo voorkom je dat de vlinders eitjes kunnen leggen en geef je de planten de kans om ongestoord te groeien.