De vink is een veelvoorkomende en levendige zangvogel die je het hele jaar door in en rond Dordrecht kunt tegenkomen. Het mannetje (zie foto) valt vooral in het voorjaar op door zijn roze borst, blauwgrijze kop en contrasterende vleugelstrepen. Het vrouwtje is soberder van kleur, maar net zo actief.
Vinken leven van zaden en insecten. In het broedseizoen zijn insecten belangrijk voor het grootbrengen van de jongen, terwijl ze in de herfst en winter vooral zaden eten. Op de tuin zie je vinken vaak op de grond foerageren, vooral onder voedersilo’s waar zaden zijn gevallen.
In de omgeving van de Nieuwe Dordtse Biesbosch voelen vinken zich goed thuis. Het afwisselende landschap van tuinen, bomen en open terrein biedt volop voedsel en beschutting. Ze broeden in bomen en struiken en bouwen hun nest zorgvuldig van mos, gras en veertjes, vaak prachtig gecamoufleerd.
Vinken zijn standvogels, al trekken sommige exemplaren in de winter wat zuidelijker. Hun aanwezigheid en heldere zang dragen bij aan de levendigheid van de tuin en maken elk seizoen net iets rijker.
Foto: Helen Lind