Vlinders

Ook afgelopen jaar lieten weer veel vlinders zich zien op onze tuin. In totaal zijn 21 soorten dagvlinders waargenomen en gemeld via waarneming.nl. Daaronder onder andere koninginnenpage, oranjetipje, groot en klein koolwitje, citroenvlinder, kleine vuurvlinder, boomblauwtje, icarusblauwtje, atalanta, distelvlinder, dagpauwoog, kleine vos, gehakkelde aurelia, landkaartje en verschillende zandoogjes. Heb jij ze ook zien vliegen?

In de winter lijken vlinders te verdwijnen, maar dat is schijn. Soorten als kleine vos, dagpauwoog, citroenvlinder en gehakkelde aurelia overwinteren als vlinder, vaak verscholen in schuurtjes, houtstapels of rommelige hoekjes. Andere soorten overwinteren als ei, rups of pop – soms gewoon in de tuin. Juist daarom helpt het om de tuin niet te fanatiek winterklaar te maken.

Wil je actief helpen, dan kun je bijvoorbeeld een vlinderkastje ophangen of er zelf een maken. Ze zijn onder andere verkrijgbaar bij Vivara. In het vroege voorjaar zijn de overwinterende vlinders vaak de eersten die zich bij zonnig weer laten zien.

Voor vlinders zijn waardplanten onmisbaar. Dat zijn de planten waar rupsen van eten. Brandnetel is daarbij van groot belang, maar ook koolsoorten zijn geliefd bij koolwitjes. Het oranjetipje kiest onder meer voor look-zonder-look en pinksterbloem, terwijl de koninginnenpage zijn rupsen graag op venkel, peen en dille laat opgroeien. Zonder rupsen geen vlinders – en sommige rupsen zijn minstens zo mooi als de vlinders zelf.

In het vlinderstadium hebben vlinders nectarplanten nodig. Veel soorten komen af op verbena, lavendel, koninginnekruid, herfstasters en vlinderstruiken. Met de vlinders gaat het landelijk niet goed, maar met de juiste planten en wat ruimte kan de tuin een belangrijk verschil maken.

Wie meer wil weten, kan bij De Vlinderstichting het gratis boekje Tuinieren voor vlinders aanvragen, geschreven door Lodewijk Hoekstra. Een aanrader voor iedereen die van de tuin een klein vlinderparadijs wil maken.